| U heeft de nodige aandacht geschonken aan de voorbereiding van
uw rechtszaak, vergadering of evenement. Ook aan tolken heeft U
gedacht. Omdat een goede tolkprestatie niet alleen van de tolk
afhangt maar ook
van een aantal externe factoren, volgt hier een
beknopte leidraad
voor het werken met tolken.
Een goede tolkprestatie hangt nauw samen
met een goede voorbereiding
en hier is voldoende informatie voor nodig (zie punt 1). Voor een
aangenaam klinkende vertolking dient het spreektempo
laag genoeg
te liggen
(zie punt 2) en voorts dient optimaal gebruik te worden
gemaakt
van de aanwezige apparatuur (zie punt 3).
1) INFORMATIE-EN DOCUMENTATIEMATERIAAL
De tolk dient ter voorbereiding van de tolkwerkzaamheden tijdig
(uiterlijk één week voor aanvang van de opdracht)
toereikende
informatie toegestuurd te krijgen, liefst, indien
voorhanden, in elk
der werktalen.
Hierbij kan gedacht worden
aan het programma,
de agenda, de deelnemerslijst, notulen van vorige vergaderingen,
processtukken, onderzoeksrapporten, algemene informatie over
het bedrijf of andere stukken.
Tolken zijn gewend, en door hun beëdiging gehouden, aan strikte
geheimhouding ten aanzien van informatie die hen in het kader van
het uitoefenen van hun vak ter ore komt.
2) SPREEKTEMPO
Het is belangrijk dat er tijdens de vergadering of bijeenkomst
rekening
wordt gehouden met de aanwezigheid van tolken. Zeker
indien er teksten worden voorgelezen is het van groot belang
dat het spreektempo laag genoeg ligt. Een simultaantolk moet
immers tegelijkertijd luisteren,
begrijpen, praten en formuleren
en dit gaat nu eenmaal langzamer dan formuleren en praten alleen.
Een gematigd spreektempo is daarom essentieel: zo komt de boodschap
immers veel beter over voor de mensen die naar de vertaling luisteren.
De tolken dienen teksten die worden voorgelezen van tevoren te
ontvangen en het verdient aanbeveling om de spreker te waarschuwen
dat de leessnelheid niet hoger mag zijn dan 100 woorden per minuut
(3 minuten per dubbel intergelinieerde, getypte pagina).
3) GEBRUIK VAN MICROFOONS
Simultaantolken zitten in een geluidsdichte cabine. Daarom is het
essentieel dat sprekers adequaat gebruik maken van microfoons.
Een paar basisprincipes op een rijtje:
- Het is belangrijk dat een spreker in de microfoon
spreekt en zijn hoofd niet afwendt. Als iemand een presentatie
geeft is een
opspeldmicrofoon vaak een goede oplossing.
- Over het algemeen mogen
er niet meer dan drie microfoons aan staan, anders
storen ze elkaar.
- Als er vanuit het publiek vragen worden gesteld
dient er gebruik te worden
gemaakt van een microfoon (bijvoorbeeld een loopmicrofoon). Het
kan soms zo zijn dat mensen in de zaal elkaar goed verstaan zonder
microfoon maar de tolken
zitten in hun cabine en horen dan …niets.
|